Elfde Gebod – Nicky Langley

April 1st, 2011 by Sienna

Dit boek wilde ik lezen van zodra ik er op de radio een kort interview over hoorde. Na een vergeefse zoektocht tijdens het afdweilen van boekenwinkels op zoek naar kerstgeschenken, besloot ik het uiteindelijk maar online te bestellen. Niet zo’n bestseller dus, maar ik heb er wél van genoten. Ondanks de teensletsen op de cover (eigendom van de auteur nog wel).

De naam Nicky Langley was mij onbekend, maar dat komt misschien deels omdat ik geen Mega Mindy-kijkende kinderen heb. Ze speelt immers de oma in die reeks. Naast actrice is ze echter ook jazz-zangeres (geweest?), zo lees ik, én tussendoor auteur. “Elfde Gebod” is kennelijk niet haar eersteling.

Het mysterieuze en onverklaarde boeit me. Sinds ik als kind ooit een boek doorbladerde over ongewone en mysterieuze sites en verhalen in België (ik heb het boek nog!), weet ik dat het ook niet altijd ver weg is dat dergelijke boeiende gebeurtenissen die de fantasie aan het werken zetten zich voordoen. Zelfs wie zich beperkt tot katholieke mysteries hoeft Vlaanderen niet te verlaten om een boek te vullen, zoals Mevrouw Langley demonstreert. En wellicht is er nog materiaal voor vervolgboeken of herziene edities.

Elfde Gebod begint nochtans niet zo veelbelovend. Langley verhaalt als inleiding over haar verhuis van Antwerpen naar Gent, en hoe ze in Gent in een soort New-Age winkeltje verzeild geraakt. Niet veelbelovend, omdat er meteen een winkelbelletje ging rinkelen bij mij. Ik was er zelf ook reeds geweest, en herkende de uitbaatster ook op de foto aan het einde van het hoofdstuk. Niet dat ik veel New Age-theorieën geloof (ik zoek kennis, geen geloof), of veel van dergelijke etablissementen bezoek -mijn bullshitmeter scepticisme laait immers altijd hoog op in die zaken-, maar deze had ik nu wel reeds bezocht. Sommige dingen vindt men nu eenmaal makkelijker in dergelijke winkels: doeken met keltische motieven, wierook, geurolieën, …. Ik kan zeker bevestigen wat mevrouw Langley schrijft over de vriendelijkheid van de uitbaatster, maar hoewel haar winkel ook gekend staat als één van dé plaatsen om te zijn voor benodigdheden voor Wicca-rituelen, maakte een kort gesprek met de eigenares over rituelen en magie in het algemeen al snel duidelijk dat ze iemand is die meer geloof dan kennis bezit. Teleurstellend, maar het komt zo vaak voor, dus verbaasd was ik niet echt. ‘s Mensen kelk is vaak gevuld met verdunde wijn.

Evenmin verbazend dus dat mevrouw Langley hier leerde over leylijnen, zo’n theorie waarbij enig scepticisme wel op zijn plaats is, volgens mij, maar die vlotjes als een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid in het boek geïntroduceerd wordt. Tot mijn opluchting vormen de leylijnen slechts een deel van de omkadering, en niet van de essentie, van het boek.

Langley begint stukje bij beetje een ontdekkingstocht in Vlaanderen, en bezoekt mystieke plaatsen, leert over mystieke figuren (allen katholiek en vrij recent), interviewt de schaarse nog levende naasten van deze bijzondere figuren, en duikt in archieven. En daar zit hem het vlees van het boek, een smakelijke hap uitzonderlijke figuren, verhalen en gebeurtenissen uit eigen streek.

Per hoofdstuk krijgen we een persoon of een plaats geserveerd, de één al boeiender en curieuzer dan de ander, en allen wellicht bijna of volledig onbekend onder leden van de Playstation generation; hoewel ze, naar mijn mening, ook deel uitmaken van ons plaatselijk verleden, en ik het goed vind dat de herinnering eraan levend gehouden wordt, zelfs al ben ik zelf uitgeschreven ex-katholiek. In deze vind ik het katholicisme het toevallige kader van de essentie. Al valt natuurlijk te vrezen dat toekomstige generaties deze personen en gebeurtenissen meer en meer zullen vergeten, en we zien er niet meteen veel nieuwe rijzen.

De interessantste vond ik persoonlijk de gevallen van stigmata, en hoeveel randinformatie Langley hierover nog wist op te rakelen. Ik vind stigmata zowiezo een interessant fenomeen, en vraag me af wat met deze mensen (meestal vrouwen, en inderdaad, de twee gevallen in het boek behoren tot de zachtere sekse) gebeurd zou zijn indien ze niet in een katholieke omgeving opgegroeid zouden zijn. Ik weet dat men middels hypnose stigmata kan simuleren, maar de laag- of ongeschoolde vrouwen in Elfde Gebod hadden ongetwijfeld zeer weinig kennis over hypnose. Bedrog lijkt onwaarschijnlijk, maar het is op zijn minst opmerkelijk te noemen dat het bloed uit de stigmata van zuster Rumolda ook tekeningen vormde op de windsels: kruisen, doornenkronen, heilige harten. Foto’s tonen het bewijsmateriaal.

Het boek is overigens rijk aan foto’s van goede kwaliteit. De enige die me eigenlijk tegenstaat, is de geënsceneerde smartelijke bruid aan het graf van Leonie Van den Dijck, de zieneres van Onkerzele. Niet enkel zag zij visioenen (Leonie, niet de bruid), maar de randfenomenen (vreemde wijzigingen in de zon, de geur van rozen, lichtgevende bollen in de lucht, …) doen sterk denken aan wat gebeurde in Fátima in 1917, waar tienduizenden mensen getuige waren van dergelijke vreemde fenomenen, op een vooraf voorspeld tijdstip en plaats. Ik asocieer het eerder met het UFO-fenomeen, waar het allicht veel dichter tegenaan ligt dan tegen een katholiek mirakel, hoewel de katholieke kerk deze gebeurtenissen probeerde op te eisen, zoals haar traditie is. Desalniettemin viel mijn mond open dat in Vlaanderen een figuur als Leonie Van den Dijck geleefd heeft, rond wie ook dergelijke fenomenen zich voordeden, en dat ik er nog niet over gehoord had. Dit is dus de reden waarom ik een dergelijk boek met plezier aan mijn collectie toevoeg.

Maar de rest van de foto’s zijn van een sfeervolle, zij het heldere, soberheid, die passend is bij overleden vromen en mystieke figuren in de christelijke traditie. Ze nodigen ook uit tot het bezoeken van die speciale plaatsen: de kerkhoven waar Hermanneke Wijns en Clara Jung liggen, op wiens graven men tientallen dankplaatjes kan vinden van mensen die hen om een voorspraak vroegen, en de gevraagde gunst ook ontvingen. Maar ook het kapelletje waar tijdens WOII een bom vlak naast enkele biddenden viel, die als bij wonder niet ontplofte.

Dé plaats bij uitstek die ik zeker eens zal bezoeken, echter, is het graf van zuster Maria van Jezus Deluil-Martiny: de zaligverklaarde non die overleed in 1884, en wiens nog volledig intacte lichaam nu (na opgegraven te zijn in 1906) als een assepoester in een glazen kist in de basiliek van het Heilig Hart te Antwerpen ligt.

Heerlijk, zo’n boek met opmerkelijk gebeurtenissen en figuren quasi uit de eigen achtertuin, die onbekend zijn omdat de eigen tuin nét iets buiten de invloedssfeer ligt. De Stoepedagen waren mij bijvoorbeeld eveneens onbekend, maar het zijn dergelijke volkse tradities waar het leuk kan zijn om de sfeer eens te gaan snuiven, om even de drukke prestatie- en bezittingswereld achter te laten en in een meer mysterieuze tijd en plaats rond te waren, waar het niet van de anders alomtegenwoordige elektronische apparaten is dat de haren op de armen rechtkomen. Dit soort boeken moet geschreven worden voor de tradities uitsterven en de dramatis personae vergeten zijn, en op dat vlak heeft Nicky Langley mijns inziens een goed werk verricht.

**************************

“Elfde Gebod – Mystieke plaatsen en figuren in Vlaanderen”, door Nicky Langley

Uitgeverij Davidsfonds, Leuven, 2010

ISBN: 978-90-5826-735-1

244 pagina’s